Op 6 verschillende locaties in Vlaanderen werd van september 2006 tot september 2007 fijn stof (PM10) gecollecteerd en op zijn samenstelling geanalyseerd. Hieruit bleek dat dit fijn stof voor het grootste gedeelte ( een 40%) bestond uit secundaire anorganische stoffen, die als polluenten in de atmosfeer gevormd worden door de uitstoot van SO2, NO, NO2 en NH3. Op de 2de en 3de plaats kwamen de heterogene groep van de organische componenten (20%) en het bodemstof (14%). Zeezout vormde gemiddeld 8% van de massa, terwijl de voor de gezondheid gevaarlijke roetdeeltjes (elementaire koolstof) slechts 4%, of gemiddeld een goede µg/m³ vertegenwoordigden. Uiteraard werden er nogal verschillen vastgesteld tussen de verschillende meetlocaties. Meetpunten zoals Houtem, Zelzate en Borgerhout worden immers door sterk verschillende bronnen van primaire polluenten beinvloed.
Lees een uitgebreide samenvatting, of het volledig rapport, op:
http://www.vmm.be/pub/chemkar-pm10-chemische-karakterisatie-van-fijn-stof-in-vlaanderen








